
23 jaar in ’t urste gespeuld
Serie De voetbaltoppers van toenSjef van Mourik werd net na de oorlog geboren. Toen hij 17,5 jaar oud was, debuteerde hij als linksbinnen in het eerste elftal van Aquila. In de lange geschiedenis van de Dreumelse club zijn er maar weinig kampioenschappen gevierd, maar in 1967 was Sjef van de partij. Hij was lid van de gouden generatie, een topelftal met bekende namen als Helm Sas, Hent Verbruggen, Adje Heesakker en spits Uut Kuipers.
In de lange jaren dat hij in het eerste elftal speelde, is het team - volgens Sjef - maar liefst veertien keer ‘twidde’ geworden. ‘Het was vaak net niet.’ Sjef had in zijn voetbaltijd in feite drie banen. Thuis had hij schapen, koeien en varkens. Overdag reed hij meel voor Jo van Beers en ’s avonds was hij op het voetbalveld te vinden. Ooit is hij gevraagd om de overstap te maken naar Leones, het zou een paar klassen omhoog betekenen. ‘Het was mooi geweest om mee te maken, maar dat was niet te doen met ons leven.’
De verhalen rollen voorbij. Legendarische wedstrijden, bijvoorbeeld tegen DBV en Avios, met soms vijfhonderd man volk langs de lijn en het feit dat er ‘buitenlanders’ bij de club kwamen spelen. Buitenlanders? ‘Ja spelers uit Alphen en Lauwe.’ Het waren de jaren dat men met de bus naar uitwedstrijden ging. ‘Onze Tram kwam uit Rossum en daarna vertrok de selectie met de supporters naar d’n overkant, maar ook naar Nijmegen en omstreken.’ Ze speelden vaak tegen SJN in Nijmegen. ‘Het was altijd hommeles daar. We hebben wel eens moeten rennen omdat er vrouwen klaar stonden met hun paraplu.’
‘Mijn voruw Ria heeft me in die jaren vaak moeten missen, vooral de uitwedstrijden waren lange dagen. Thuis kwam ze dan nog regelmatig met de kinderen even kijken.’ Een volgende herinnering schiet voorbij. Op zaterdag gingen we met alle spelers om half tien even naar de frietkraam en daarna zorgden we dat iedereen om half elf op bed lag.
Na zijn actieve voetballeven is Sjef nog kort jeugdleider geweest en daarna stopte het. Tegenwoordig staat Sjef, die deze zomer 80 jaar wordt, weer regelmatig langs de kant bij kleinzoon Wieb. Soms mijmerend over de mooie voetbaltijden. ‘Ik zou het zo over willen doen.’
Door René den Biesen



