Het Huis te Leeuwen met oude bomen.
Het Huis te Leeuwen met oude bomen. Foto: Peter Fontijn

Monumentale bomen als levende tijdmachines

Column Veelstromenland

Ze staan wat verscholen achter een heg, op een erf, langs de dijk of bij een oud huis of kerkhof. De monumentale bomen in het Land van Maas en Waal zijn geen gewone bomen. Het zijn levende tijdmachines. Ze zagen generaties komen en gaan, trotseerden stormen en overstromingen, en aanschouwden een landschap dat ingrijpend veranderde.

In het noordelijk deel van de regio, boven de Maas en Waalweg (A73), staan tientallen van deze oude reuzen. De oudste boom van Druten, een circa 300 jaar oude beuk bij het Huis te Druten, sneuvelde in 2021. Een jonger exemplaar uit 1830 staat nog altijd op het Ambtshuisplein. Wie verder wandelt langs de Waal, door dorpen als Dreumel, Wamel, Leeuwen, Afferden, Deest, Winssen, Weurt of Beuningen, komt ze tegen: beuken van 25 meter hoog, platanen met een stamomtrek van 5 meter, paardenkastanjes die al 200 jaar hun kronen uitspreiden. Bomen uit de tijd van Napoleon III en Willem III, toen paarden nog de straat domineerden en hoogstamfruit het landschap kleurde.

Want dát is de paradox: de duizenden hoogstamfruitbomen zijn in de jaren ‘60 en ‘70 massaal verdwenen. Zeldzame rassen gingen in een oogwenk verloren. Met Europese subsidie werden de boomgaarden vervangen door laagstamvarianten: efficiënter, maar armer van karakter. Economie won het van esthetiek. De monumentale bomen bleven. Eigenzinnig. Standvastig. Ze vertellen het verhaal van oude dorpskernen en boerderijen, maar zijn ook de laatste restanten van een groener verleden. Hun leeftijd, omvang en soortenrijkdom, van treurbeuk tot winterlinde, maken ze uniek in Nederland.

Ze verdienen onze aandacht. Niet alleen als natuurmonument, maar als levend erfgoed. In een tijd waarin alles sneller moet, groeien zij langzaam. En blijven gewoon staan.

Staat uw favoriete boom al op de kaart? Kijk op de website.

Door Peter Fontijn