
Terug naar huis
HistorieEind januari 1926 is het water in het Land van Maas en Waal een heel eind gezakt. De meeste vluchtelingen kunnen terug naar huis. Toch duurt het nog tot half april voor het hele gebied droog is en iedereen kan terugkeren. Wat de Maas en Walers aantreffen bij terugkeer is onbeschrijfelijk: daken zijn door het water meegesleurd, muren gescheurd of ingestort, de huisraad weggedreven, soms is er van hun huis of boerderij niets meer over. Ook boomgaarden zijn door water en vorst verwoest. Het woeste water heeft in het Land van Maas en Waal meer dan duizend woningen weggevaagd of onherstelbaar beschadigd.
Een verslaggever van De Gelderlander schrijft in de krant van 19 januari 1926: ‘Langzamerhand keren de vluchtelingen weer naar hun oude haardsteden terug. Trachten althans terug te keren. Want in vele gevallen is er van hun huis niet veel overgebleven. Hier in Druten waren vluchtelingen uit Altforst. Nieuwjaarsdag waren ze al gaan vluchten met hun vee. Er was ’n bejaarde man bij. Nauwelijks waren de wegen vrij, of zij spoedden zich naar hun geboortedorp, dat hen zo dierbaar was. Wie zal die wrede en bittere ontgoocheling van die man beschrijven, toen hij zag dat er van zijn woning niets was overgebleven. Hij schreide als een kind.’
Zie ook: www.watersnood26.nl.



