Dorpshuis ’t Trefpunt.
Dorpshuis ’t Trefpunt. Foto: Diana de Leur

Dorpshuis ’t Trefpunt Deest krijgt steun van de gemeente

Politiek

DRUTEN - Tijdens het rondetafelgesprek in Druten op donderdag 13 juni was onder andere het Meerjarenonderhoudsplan voor het gemeentelijk vastgoed aan de orde. De heer Van Gelder, voorzitter van de vereniging Dorpshuis ’t Trefpunt te Deest, was inspreker bij dit agendapunt. ’t Trefpunt kan geen gebruik maken van het Meerjarenonderhoudsplan van de gemeente vanwege andere afspraken in het verleden. 

De locatie kampt met een jaarlijks, structureel exploitatietekort op de gymzaal en het dorpshuis. Het tekort op de gymzaal was in 2023 ruim 19.000 euro en dat wordt in 2024 minimaal 11.000 euro. Deze tekorten gaan de komende jaren stijgen en ’t Trefpunt ontvangt geen enkele financiële steun van de gemeente. In het verleden mocht er bij de gemeente een lening worden afgesloten van 175.000 euro, waar jaarlijks 8.5000 op wordt afgelost. Momenteel heeft ’t Trefpunt nog 70.000 in kas en het jaarlijks tekort bedraagt minimaal 32.000 euro. De vereniging concludeert dat deze toekomstige tekorten over twee jaar tot het einde van ’t Trefpunt zullen leiden. De lasten voor de gymzaal bedragen 15.000 euro per jaar. De gemeentelijke klokuurvergoeding is ongeveer 4.000 euro. Dit is de bijdrage die ‘t Trefpunt ontvangt voor het gebruik van de gymzaal door de school.

Van Gelder somt nog meer problemen op waardoor ‘t Trefpunt het financieel niet lang meer kan bolwerken. Hij heeft gezien dat voor bijna alle dorpshuizen en -centra tot 2043 ruim 5,4 miljoen euro wordt gereserveerd. Hij wijst op de ‘Startnota Accommodatiebeleid’ die vanuit het Gezamenlijk Overleg Gemeenschapshuizen door gemeente Druten aan het college van B&W is gestuurd en toegelicht. Hierin spreken alle besturen zich uit voor een gelijke behandeling van de dorpshuizen. Hij verzoekt dan ook ‘t Trefpunt structureel op te nemen in het Meerjarenonderhoudsplan.

Wethouder Thoonen zegt al bezig te zijn met een gelijke financiële behandeling van de dorpshuizen en heeft daarover gesprekken met het bestuur.

Door Ton Ebben