Afbeelding
Foto: Peter Fontijn met ChatGPT

Waar we (niet) over praten

Column Veelstromenland

Overasselt heeft ons wakker geschud. En ik merk iets geks: we zijn wakker, maar we doen alsof we slapen. We praten erover. Op de tribune, bij de bakker, in de appgroep. Over wat er gebeurd is, over hoe dat in he-mels-naam mogelijk is.

Maar als het praatje voorbij is, kijken we weer de andere kant op. We kennen elkaar. Onze kinderen gaan naar dezelfde scholen, sporten bij dezelfde clubs, fietsen ‘s ochtends gewoon naar Pax Christi. Daarom kijken we weg: het zal toch niet waar zijn?!

Maar we zien het. Die auto’s op de Veerdam met de motor draaiend, waar jongeren in- en uitstappen en waar niemand blijft. Die duistere parkeerplaatsen waar je als ouder wegrijdt. Dat tweede mobieltje, dat plots aanwezige geld, die vrienden waarvan de verhalen nét niet kloppen.

En dan begint het gedoe in je hoofd. Is dit een sterk verhaal? Zie ik spoken? Want stel dat je er iets van zegt… wat dan? Je wilt je eigen kind niet verlinken, je buren niet beschuldigen, je dorp niet zwartmaken. Dus zeg je niets.

Dat woord zegt alles: ‘verlinken’. Alsof erover praten hetzelfde is als je kind uitleveren. Alsof zwijgen een daad van liefde is. Maar je kind helpen is iets anders dan je kind uit de wind houden. Uit de wind houden kan ook doodknuffelen zijn. Daarom moeten we ophouden met het idee dat jeugdcriminaliteit iets van ‘de grote stad’ is. Onze kinderen stappen rond in dezelfde wereld als alle anderen. We hebben recent gezien hoe het kan escaleren.

Het anonieme hulpplatform Keerpunt bestaat sinds 2024, en daar kun je terecht als jongere, ouder of professional, ook als je nog niet zeker weet wat er speelt. Een vermoeden is genoeg: je weet het niet zeker, maar je neemt het serieus genoeg om niet te zwijgen.

Dat zou ons keerpunt kunnen zijn. Niet alleen dat we zien wat er gebeurt; dat lukt ons allemaal best. Maar dat we durven te zeggen: ‘Ik weet het niet zeker. Maar ik maak me zorgen.’

Meer: www.keerpunt.chat.