
Schuyt: een burgemeester die bleef
Column VeelstromenlandHonderd jaar na de watersnood van 1926 zijn de stemmen van de ooggetuigen verstomd. Wat rest, zijn verhalen. En soms een naam die boven het water uit blijft steken.
In Wamel was dat Petrus Josephus Marie Schuyt (1870–1927), burgemeester in een tijd waarin een ambtsketen weinig bescherming bood tegen kolkend water en menselijke ellende. Geen bestuurder op afstand, maar een man die zijn dorp kende, de armoede zag en wist dat rampen nooit eerlijk verdeeld zijn. Als het water kwam, stonden de zwaksten het eerst met de rug tegen de muur.
Toen de dijken braken en huizen volliepen, ging er veel meer verloren. Boeren raakten hun vee kwijt, dagloners hun inkomen, gezinnen hun zekerheid. In die chaos was Schuyt geen man van grote woorden, maar van doen. Hij regelde noodhulp, sprak met hogere overheden, drong aan waar anderen aarzelden. En vooral: hij bleef.
Maar zijn betrokkenheid reikte verder dan de nood van het moment. Kort na zijn overlijden nam men het initiatief tot de Burgemeester Schuyt-Stichting, bedoeld om de woningnood in Maas en Waal te lenigen. In een streek waar veel huizen na de overstroming onbewoonbaar waren geworden, waren in 1929 al zo’n 50 betaalbare woningen gebouwd voor de armsten. Geen liefdadigheid op afstand, maar structurele zorg, vastgelegd in een stichting die na zijn dood in zijn geest doorwerkte.
Er zijn geen heroïsche foto’s van Schuyt op een dijk, geen standbeeld op een plein. Zijn kracht zat in iets onopvallenders: vasthoudendheid, rechtvaardigheidsgevoel en een scherp oog voor wie anders vergeten werd. Dat hem de nood soms te machtig werd en hij huilend thuiskwam, maakt hem niet kleiner - integendeel. Armenzorg was voor hem geen bijzaak, maar een morele plicht.
Misschien is dat wat herdenken werkelijk betekent. Niet alleen terugkijken naar het geweld van het water, maar naar de mensen die overeind bleven toen alles wankelde. De Burgemeester Schuytstraat in Beneden-Leeuwen herinnert daaraan. En aan de gedachte dat menselijkheid het verschil kan maken.
Door Peter Fontijn
