Transfusie

Nog niet alle wethoudersposten zijn ingevuld, toch valt al iets op: we hebben straks in drie gemeentes minimaal vier wethouders van buiten de eigen gemeente.

Evert-Jan Slootweg woont in Bennekom en is en blijft wethouder voor het CDA in West Maas en Waal. Willy Brink woont in Wijchen en is en blijft wethouder voor Kernachtig Druten.

CDA-kopstuk Bea Schouten was de afgelopen jaren wethouder in Wijchen en woont daar nog steeds, maar ze gaat nu in Beuningen aan de slag. Daar komt ze hoogstwaarschijnlijk Kees Telder tegen, die ook in het college blijft maar ondertussen in Westervoort woont.


Kortom, een fikse transfusie van vers bestuurlijk bloed. Is het erg om zoveel wethouders van buiten te hebben? De partijen die hen aandragen, zullen stellig beweren dat het vooral gaat om de kwaliteit van de kandidaten. Natuurlijk moet je capabel zijn, maar in een tijd waarin de kloof tussen burger en politiek groeit valt het niet te verkopen dat bestuurders vrijwel blanco beginnen.

Een wethouder moet kunnen bogen op een breed netwerk. Het helpt al als je bekend bent met de uitdagingen van de plaatselijke middenstand, de voorzitters van de sportclubs kent en weet hoe de verhoudingen binnen de gemeenteraad liggen.

Maar het valt de uitheemse wethouders niet direct kwalijk te nemen dat ze op het aanbod zijn ingegaan. Bea Schouten gaf het eerlijk toe in De Gelderlander: in Wijchen keert het CDA niet terug in de coalitie en op haar 63e is het lastig elders passend werk te vinden. Logisch dus dat ze toehapte toen Beuningen haar vier jaar zekerheid aanbood.

Toch is het een bijzondere situatie. Doorgaans breekt de hel los in Maas en Waal bij de kleinste hint naar gemeentelijke fusies. Zelfstandigheid gaat immers boven alles, maar wethouders bij elkaar shoppen is kennelijk geen enkel probleem.

Dat zou je hypocriet kunnen noemen, feit blijft dat de ware schuldigen de partijen zijn die kennelijk vier jaar lang tevergeefs hebben gezocht naar lokaal talent. Een veeg teken voor de lokale democratie.