
Majestueus uitzicht op de rivier
In Beuningen wonen Joep en Francis Koenen in de prachtige uiterwaarden aan de Waal. Grote raampartijen bieden een boeiend uitzicht op de drukst bevaren rivier van Europa. Het huis is duurzaam gebouwd. De twaalf zonnepanelen op het dak leveren een groot deel van het jaar elektriciteit. In het souterrain staat een hoog rendement pelletkachel. Eens in de twee à drie jaar treedt de rivier buiten haar oevers, maar het echtpaar heeft nog nooit natte voeten gekregen. Het huis staat twee meter boven het maaiveld.
Door Ger Loeffen
Een prachtige imposante Duitse herder begroet mij luid blaffend. Gelukkig ben ik afgestudeerd hondenfluisteraar. We betreden het huis waaraan eerder aandacht werd besteed in het populaire tv-programma ‘Binnenste Buiten’. Herder Nymos (vrij vertaald: de man van Nijmegen) volgt.
'Ga maar aan de andere kant van de tafel zitten', zegt Joep, 'dan heb je beter zicht op de rivier.' En inderdaad, het uitzicht is majestueus. Op drukke dagen passeren hier ruim 300 schepen. Zo’n 120.000 per jaar. Joeps partner Francis schuift ook aan. Herder Nymos ligt languit op het kleurig karpet in de kamer. Een vrachtschip vaart onhoorbaar stroomafwaarts richting Rotterdam. Een bemanningslid loopt in tegengestelde vaarrichting over het gangboord. Hij lijkt stil te staan. Een tegenloper. De Duitse herder stoort er zich geen moment aan.
Aan de overkant van de Waal ligt camping De Altena. Francis: 'We wonen vrij afgelegen. Daarom vind ik het zo leuk als het kampeerseizoen weer begint. Dan ziet het er aan de overkant levendig en gezellig uit.'
Joep gaat verder: 'Wij zijn echte Limburgers. Francis uit Heerlen en ik uit Maastricht. Opgegroeid aan de Maas. De rivier blijft dus trekken. We hebben elkaar ontmoet in Wageningen, waar we allebei studeerden. Na de studie zijn we er blijven hangen en hebben er jaren samengewoond. Maar we wilden iets anders. Meer ruimte om ons heen, vrijheid uitzicht.'
Kasteel Bunswaard
Het huis van Joep en Francis staat op een watervrije zandrug. Eeuwen geleden was dat een eiland in het stroomgebied van de Waal. Op het eiland stond ooit het kasteel Bunswaard, van waaruit de scheepvaart op de Waal onder controle werd gehouden. Het slot werd in de 14de eeuw verwoest en eeuwen later bouwden de gebroeders Duys op die plek een steenfabriek. De klei die nodig is om stenen te maken, ligt er immers voor het oprapen.
In 1911 koopt Theo Burgers, afkomstig uit een bekend geslacht van steenbakkers, de fabriek. In steenfabriek de Bunswaard worden tot halverwege de jaren 60 bakstenen gemaakt. Enkele percelen zijn nog in het bezit van de familie Burgers.
Joep: 'We zagen dat de familie Burgers deze kavel wilde verkopen. We waren meteen verliefd op deze plek. Voorwaarde was dat het huis de vorm van de oude haaghutten moest hebben die hier stonden om de gebakken stenen te drogen.'
Duurzaam gebouwd
We dalen af naar het souterrain. Joep: 'Het souterrain is een enorme betonnen bak van 10 bij 20 meter waarop het huis is gebouwd.' De technische ruimte van 20 vierkante meter is volgebouwd met apparatuur en buizen. De pelletkachel vult zich automatisch vanuit een silo en heeft een hoog rendement van wel 90 procent, waardoor er minder energie verloren gaat dan bij een traditionele kachel. Joep: 'Een keer per jaar kopen we voor nog geen 500 euro houtkorrels. Daar doen we een heel jaar mee. Het huis is zo gebouwd dat het zichzelf verwarmt, met name doordat een deel van het dak van glas is.'
Buiten gekomen rent Nymos ons voorbij het veld in. Ook hij geniet van de ruimte op de zandrug waar 80 jaar geleden de grootvader van uw schrijver stenen sjouwde.