
Waar oud en nieuw samenkomen
AlgemeenBENEDEN-LEEUWEN – Het monumentale pand De Lakenburg is een van de bekendste gebouwen in Beneden-Leeuwen. Sinds twee jaar wonen René Wijenberg en Nina Meiling er met hun kinderen Mae (5) en Benja (2). Het stel opent enthousiast de deuren voor een kijkje binnen: een woning waar oud en nieuw samenkomen.
‘Het was altijd René zijn droom om in een groot huis te wonen met een eigen bar’, vertelt Nina. ‘Alleen zo’n woning ga je niet vinden in Utrecht.’ Bij het zien van De Lakenburg waren ze meteen verkocht. ‘We zagen de potentie van dit pand’, zegt René. ‘We zijn allebei optimistisch, misschien zelfs wat naïef.’ Een monumentaal pand verbouwen bleek een avontuur. Het huis is eigendom van Nina en René, maar de verbouwing was een samenwerking en in samenspraak met verschillende erfgoedorganisaties.
Het resultaat is een huis dat de geschiedenis ademt, maar tegelijk modern en leefbaar voelt. Via de Brouwersstraat kom je binnen in een lichte hal met een ambachtelijk gepleisterde muur: een prachtig contrast met de moderne stalen deuren. Links staat een oude rijtuigkast. ‘Die mochten we niet verplaatsen, en nu zijn we er blij mee.’ Achter een andere deur schuilt de voormalige proviandopslag, nu een wijnkelder. ‘Een uit de hand gelopen hobby’, lacht René. Ook de oude kerkdeur mocht niet worden verwijderd. ‘Ik vond die eerst eerlijk gezegd eng’, geeft hij toe. ‘Maar nu hoort hij bij het huis. Het brengt sfeer, een verhaal.’
Vanuit de hal loop je door naar het hart van het huis: de voormalige stal, nu een royale leefruimte. De ruimte is indrukwekkend licht dankzij een enorme raampartij die reikt tot aan de nok. ‘Toen we het kochten was het hier zo donker’, vertelt Nina. ‘Ik wilde licht, warmte en natuurlijke kleuren, passend bij het landschap.’
Die tinten komen terug in de donkere houten keuken met twee marmeren eilanden in aardse kleuren, het lievelingsplekje van René. ‘Nina heeft deze keuken helemaal zelf ontworpen’, zegt hij trots. In de kastenwand zit een nis met een klein oud stalraampje. ‘Dat raampje moest blijven’, zegt Nina. ‘Daar keek je vroeger vanuit de woonkamer de stal in.’ Een andere knipoog naar het verleden zijn de lampen die aan touwen hangen tussen de originele balken.
Achterin bevindt zich een glazen serre die in plaats van aan de woning, ín de woning is gebouwd. ‘De staldeuren moesten naar binnen draaien, dus dit was de oplossing’, legt René uit. Vanaf hier kijk je op de oudste muren van het pand, waar nog altijd de rijsporen van paardenwagens te zien zijn.
Aan de voorzijde zijn nu de kantoren van het stel, sfeervol ingericht in warme tinten. Nina’s kantoor doet in de herfst dienst als filmruimte voor het gezin. En dan is er nog Renés droom: de voormalige jachtkamer, nu een bruine kroeg. ‘Daar borrelen we met collega’s’, zegt hij met een glimlach.
‘De Lakenburg hoort bij het dorp. Het vertelt wat over de geschiedenis’, zegt Nina. ‘We hopen in 2026 mee te doen aan de Open Monumentendag. Maar eigenlijk staan onze deuren nu al open - al is het maar voor een goed glas wijn en een mooi verhaal.’
Door Inge Arissen