
In memoriam: Jozef Wiegers
‘Nou nie… van de weinter,
dan hè ’k tèd’
Door Addy de Meij
Een gevleugelde tekst van Jozef Wiegers uit Horssen, zodanig zelfs dat het als spreuk in zijn overlijdensbericht stond. Zijn kinderen herinneren hem als een actieve en toegewijde man, hij was altijd bezig. ‘Televisie keek hij zelden; pas na tien uur ’s avonds kon je hem nog wel aan de telefoon krijgen.’ Afgelopen 6 februari overleed hij, 'vijf weken te vroeg', aldus dochter Wendy en zoon Dion. ‘Hij had graag nog de 80 jaar willen halen.’ Ze vertellen graag over hun vader.
Jozef heeft verschillende beroepen uitgeprobeerd. ‘Twaalf ambachten, dertien ongelukken is overdreven,' zegt Wendy, 'maar hij heeft wel van alles gedaan voordat hij zijn bestemming als rietdekker vond. Werken bij de boer, aan de slag bij een meelfabriek, metselen in de bouw, hij is zelfs nog kraanmachinist geweest.' Maar daarna ging hij als ‘uperman’ (opperman) aan de slag bij een rietdekkersbedrijf en daar viel het muntje. Dion: ‘Buiten werken, de vrijheid en iets moois maken met je eigen handen.' Vanaf dat moment ging het opwaarts. Langzamerhand groeide ook zijn belangstelling voor het mandenvlechten.
Liefde voor en het in stand houden van het ambacht, dat bracht hij ook zijn cursisten bij, want Jozef gaf jarenlang les in het mandenvlechten bij Stichting ’t Riem in Horssen. 'Dat ging ook niet vanzelf, maar door het overlijden van de vorige leider moest hij vervroegd aan de bak', vertelt Wendy. 'Hij heeft zich echt in de materie vastgebeten, vastbesloten om het goed te doen.' Er ontstond door de jaren heen ook een hechte vriendenclub met de cursisten.
De zelfgemaakte manden en mattenkloppers deed Jozef van de hand op markten en braderieën. 'Ook nog op de Pinkstermarkt in Altforst, en hier op de streekmarkt in Horssen zat hij mattenkloppers te vlechten. Ons mam (overleden begin 2024) ging altijd mee’, zegt Wendy. ‘Ze genoten samen van de gezelligheid en hij vond het altijd leuk om uitleg te geven. Na het overlijden van ons mam ging ik met ons pap mee naar de markten.’ Naast manden voor dagelijks gebruik maakte hij ook grafmanden, waaronder die voor zichzelf en zijn vrouw. Wendy: 'Ze stonden gewoon op zolder, ‘het kon maar gedaan zijn’, zei hij.'
Dion: ‘Hij had eigenlijk geen tijd om dood te gaan, zo veel had hij om handen. Maar in november 2023 werd slokdarmkanker geconstateerd en in april 2024 werd ons pap geopereerd. Het herstel was voorspoedig, hij kreeg weer zin om de boel op te pakken. Maar tijdens de najaarscursus manifesteerde de ziekte zich alsnog, dit keer fataal. We bleven bij hem thuis in zijn laatste weken, want alleen was niet meer verantwoord.'
Jozef wilde niet in bed liggen en bleef tot het laatst toe in zijn stoel zitten, 'anders ben je ziek'. De humor was nooit ver weg. Ook niet bij zijn herdershond Fien, die overal in huis lag behalve in de voor haar gevlochten mand.
In de laatste fase van zijn leven rondde Jozef alles bewust af. Hij regelde een nieuwe plek voor Fien en gaf veel van zijn spullen weg, ook aan zijn cursisten.
Jozef Wiegers wordt herinnerd als een fijne vader, als een hartelijk en vrijgevig mens, nooit ruzie makend, altijd bescheiden. En hij floot vaak een deuntje. Dat was heel karakteristiek, beamen Wendy en Dion allebei, dat blijft één van de vele mooie herinneringen.