
De Maas&Waler dat ben ik: Piet den Breejen
Mens De Maas&Waler dat ben ikIn deze rubriek maken we kennis met inwoners van deze regio. Wie zijn ze, wat doen ze en waarom wonen ze hier? Het resultaat, een inkijkje in het leven van, al dan niet geboren en getogen, Maas en Walers, geïllustreerd met een karakteristiek portret.
Naam: Piet den Breejen
Leeftijd: 65 jaar
Plaats: Beneden-Leeuwen
Een geboren en getogen Boven-Hardinxvelder, die Piet. Maar inmiddels woont hij met zijn gezin al lang genoeg in Maas en Waal om zich een doorgewinterde Maas en Waler te mogen noemen.
‘Voor mijn werk moest ik eens vanuit Culemborg naar Oss, en zag onderweg dat er huizen te koop werden aangeboden in Druten. Heel toevallig dus dat we in Maas en Waal terecht zijn gekomen, maar we vinden het hier heerlijk, de mentaliteit van de mensen, de omgeving.’ Dirkje, Piets vrouw, is er als de kippen bij om te bevestigen wat Piet zegt. ‘In Grootegast, waar we ook woonden, kwam je niet zomaar tussen de mensen, hier is dat een stuk makkelijker.’
Piet werkt al 40 jaar als zelfstandig adviseur arbeidsomstandigheden, ofwel veiligheidskundige, door heel Nederland. ‘Ik kom bij allerlei bedrijven, branches en mensen. Contacten zijn voor mij erg belangrijk, maar ik heb eigenlijk nooit iets in het verenigingsleven gedaan. In Druten ben ik wel samen met mijn vrouw twintig jaar vrijwilliger en beheerder geweest van Mamre, het gemeenschapsgebouw van de Protestantse kerk. Ook deed ik diverse dingen bij het Alzheimercafé: gebouw openen en sluiten, koffie verzorgen, praatje maken.’
Verbouwen
‘De laatste jaren is er nog een grote klus bijgekomen: bouwen en verbouwen bij de kinderen en nu bij onszelf. Kijk, het huis hiernaast, dat is eigenlijk een soort hobby van me.’ Het ziet eruit als een vrij groot verbouwproject, dat zijn einde nadert. ‘Een flink stuk werk, maar zeg nooit tegen mij dat het niet lukt. Je snapt wel dat ik vrijwel geen tijd heb voor andere zaken. Boeken lezen bijvoorbeeld, dat komt er gewoon niet van…’
Oliebollen
In de laatste week van het jaar is het een en al oliebol wat de klok slaat in huize Den Breejen. ‘Dat begon zo,’ legt Piet uit, ‘toen ik nog thuis woonde was er een oliebollenactie in Boven-Hardinxveld. Ik nam het idee mee naar Grootegast en later naar Druten, en ik ben er best trots op dat de Protestantse kerk in Beuningen en Wijchen ook aan het oliebollen bakken is geslagen. Het kost wel veel tijd, maar we doen het met een man of tien, elf. Familie en vrijwilligers van de kerk. We hebben ze niet gedwongen, ze doen spontaan mee, en allemaal even enthousiast. Het begint ’s morgens al vroeg met het maken van het beslag. Nee, niet uit een pakje, we maken het helemaal zelf. Op de ouderwetse manier, en lang laten rijzen. We krijgen vaak te horen dat onze oliebollen en appelbeignets zo lekker zijn. Bij de afgelopen Dickensdag stonden de mensen in de rij op de Kattenburg, en werden de oliebollen al verkocht voordat ze gebakken waren. We weten zelfs dat er mensen zijn die er al maanden naartoe leven.’
Piet begon ooit in de pastorie van de kerk met een simpel frituurpannetje, nu ontstaan de lekkernijen in een grote bak van ongeveer 1 meter bij 60 cm. ‘Och, die pastorie,’ vult Dirkje lachend aan, ‘die was aan het eind van de dag net een schaatsbaan, zo vet!’ Tegenwoordig gaan er ruim tweeduizend goudbruine bollen op een dag doorheen. Er zit altijd wel iets extra’s in. Oliebollen zonder vulling, daar doet Piet niet aan.
Goede doelen
De opbrengst van al dat gesis en gebak gaat naar goede doelen: onder andere de Voedselbank, het Ronald McDonald Huis, ’s Heeren Loo en het jeugdwerk van de kerk. Het allereerste jaar doneerden ze voor de slachtoffers van de tsunami.
Dit jaar bakken Piet en zijn collega-oliebollenbakkers voor de laatste keer. ‘Eigenlijk zou iemand het stokje van ons over moeten nemen. Natuurlijk, het is hard werken, maar het levert ook zoveel moois op. Al die blije gezichten, en de contacten met de mensen. Daar hou ik erg van, ik wil graag met iedereen kunnen omgaan.’ Of Piet zelf nog wel oliebollen lust na een hele dag met zijn neus boven de pan te hebben gestaan? ‘Ja nou! We hadden een keer niets meer over aan het eind van de dag, en toen zijn we opnieuw begonnen met bakken voor onszelf.’
Het gezin Den Breejen voelt zich helemaal thuis in Beneden-Leeuwen, waar ze nu pas een half jaar wonen. ‘We willen zelfs niet eens meer terug naar Druten, dat weten we nu al…’
Door Ton van Hulst