
Voetbaltoppers van toen: Topscorer met 38 doelpunten
Serie Voetbaltoppers van toenEen hele stapel knipsels, enigszins vergeeld, liggen klaar op de keukentafel. We vinden onder andere voetbalverslagen uit lang vervlogen tijden en een brief van Aquila aan de voetbalbond. Wat blijkt: al vanaf het begin was het met Jan Sas meteen raak. De brief, getikt in 1972 door Meester van Teeffelen, vraagt om een onterechte schorsing van Jan ongedaan te maken.
Jan was 12 jaar oud toen hij bij Aquila mocht gaan voetballen, maar na een jaar of twee besloot hij te stoppen omdat zijn duivenhobby teveel tijd vergde. Ook hier kwamen we de hoofdonderwijzer tegen, deze keer om namens de club aan Jan te vragen om terug te keren op zijn schreden. Achteraf bleek dat een goede keuze te zijn. ‘Ik mocht gaan spelen in de A-jeugd, en datzelfde jaar scoorde ik doelpunten aan de lopende band,’ aldus Jan.
Jan vertelt ontelbaar mooie verhalen over zijn voetbaltijd. In het kampioenschap van ’67 speelde zijn club tegen Uchta, in een zeer felle wedstrijd. Er stonden volgens een knipsel drieduizend mensen langs de kant. Rijen dik zag men Aquila met 3-2 winnen. Jan scoorde twee keer. Hij was niet al te lang, en daardoor ontzettend snel en wendbaar. ‘Ik passeerde makkelijk en had een neusje voor de goal.’
Kampioensjaar
In het kampioensjaar wist hij 38 keer het net te vinden. Hij herinnert zich in die tijd nog een wedstrijd met een districtselectie. ‘Ze speelden tegen RWDM uit België met keeper Nico de Bree en de legendarische Pummy Bergholz. De wedstrijd werd verloren, maar ik kon toch nog wel een doelpuntje meepikken.’
Jan speelde tot zijn 34ste op het veld. In die tijd was zijn vrouw Ellie altijd van de partij. Jan had maar één paar schoenen en zij zorgde dat deze altijd top in orde waren. ‘Ik was trots op hem, dat mag je gerust opschrijven!’ laat Ellie weten.
Tot zijn 57ste bleef Jan nog actief voetballen, maar dan in de zaal. In de tussentijd kreeg hij wel eens de kans om naar Leones door te stromen. ‘Maar met een vader en broers die allemaal Aquila-fan waren, is dat er natuurlijk nooit van gekomen.’
Door René den Biesen
