
Een kijkje in de Platenkast van Fren van Dorst
Serie Platenkast‘Kom binnen, welkom in mijn muziekkamer.’ Elke centimeter ademt muziek, van apparatuur tot stapels cd’s en lp’s. Fren heeft een schrijfblok met notities klaarliggen. Het gaat een hele toer worden om dit allemaal in een tekst te vangen.
Geboren in 1954 in Oss groeit Fren op als jongste in een groot gezin. Oudere broers en zussen gaan naar de dansclubs in Oss en komen thuis met muziek van onder andere Bill Haley, Roy Orbison en Fats Domino. Fren is net 10 jaar en het eerste zaadje van het muziekvirus wordt op dat moment geplant. Hij gaat naar de mulo, ’s avonds met de oren voor de buizenradio luisteren naar Radio Luxemburg.
Eind jaren zestig naar Oijen, naar de tienerclub. The Stones (’met The Beatles heb ik niet zoveel, te braaf’), The Beach Boys, luisteren naar oude soulplaten en Nederbeat. Het zijn de jaren van Woodstock, en op de Duitse tv wordt gekeken naar de legendarische Beat-Club. In de jaren zeventig begint Fren zijn definitieve smaak te bepalen; Little Feat, Stephen Stills, Bob Dylan & The Band, Bonnie Raitt. De rij is oneindig. Hij werkt dan bij Boldershof, en draait in de avonduren regelmatig als dj bij ‘De Droes’.
Zijn verzameling groeit gestaag. Met zijn vrienden van Luisterclub Druten zit hij al dertig jaar samen om muziek uit te wisselen. Ze reizen naar Duitsland, om platen te kopen bij het fameuze Glitterhouse Records, en naar de VS, waar ze onder andere Lucinda Williams ontmoeten, die dan nog aan het begin van haar carrière staat. Ze zijn in Austin (Texas) om Johnny Cash, één van zijn grote helden, te zien optreden. Enkele dagen voor het optreden komt June Carter, de vrouw van Cash, echter te overlijden. In de zaal waar hij zou optreden wordt de première van de videoclip ‘Hurt’ gedraaid. Vijfduizend mensen zijn in tranen.
De verhalen blijven komen. Hij vertelt onder andere over vrouwelijke singer-songwriters en Jason Isbell, een van de beste hedendaagse songwriters. Het gesprek duurt uren, zijn vrouw Francien is bij thuiskomst verrast dat er nog steeds twee mannen in de muziekkamer zitten. Zijn smaak is, dat is duidelijk, in de loop der jaren richting melancholie gegaan. Soms vertelt hij met bijna tranen in de ogen over de schoonheid van de muziek waar hij naar luistert.
Door René den Biesen



