De Maas & Waler dat ben ik: Antoon Loderus
Logo demaasenwaler.nl
<p>Antoon Loderus</p>

Antoon Loderus

(Foto: Maik Jansen)
De Maas&Waler dat ben ik

De Maas & Waler dat ben ik: Antoon Loderus

  Human Interest

In de rubriek ‘de Maas & Waler dat ben ik’ maken we kennis met een inwoner van deze regio. Wie zijn ze, wat doen ze en waarom wonen ze hier? Het resultaat, een inkijkje in het leven van, al dan niet geboren en getogen, Maas en Walers, geïllustreerd met een karakteristiek portret.


Naam:                 Antoon Loderus
Leeftijd:                 73 jaar
Woonplaats:         Maasbommel

‘Ik ben geboren in Oss, dat vind ik eigenlijk wel een beetje jammer,’ begint Antoon Loderus rustig, ‘maar ik kon er niets aan doen.’

Zijn eerste levensjaren bracht hij door in een woning niet ver van de plek waar nu zijn huis staat, in een wat afgelegen gedeelte van Maasbommel, tussen de velden. ‘Een noodwoning, want het huis van mijn vader en opa werd vernield doordat in de oorlog op een meter of honderd afstand een V1 ontplofte. Door de enorme luchtdruk werd het hele huis opgetild, waarna het weer neerviel. Gelukkig overleefden mijn vader en opa het wel. In 1953 werd mijn huis gebouwd, in het kader van de noodzakelijke wederopbouw.’

Antoon volgde de lagere land- en tuinbouwschool, die destijds in Boven-Leeuwen gevestigd was. Nadat hij deze opleiding had afgerond, nam hij het boerenbedrijf van zijn ouders over. ‘We hadden zo’n dertig melkkoeien en deden ook verschillende soorten loonwerk. Met de trekker voerde ik bij andere boeren allerlei werkzaamheden uit.’

Krantenbezorger

Antoon is in Maasbommel en omstreken bekend als bezorger van De Gelderlander, de vroegere Waalkanter, de Maas&Waler en folders, vaak van verenigingen. Leuk werk, hij is er blij mee.
‘Anders zou ik de hele dag thuis moeten zitten, dat zou maar saai zijn. Natuurlijk ben ik graag in mijn groentetuin en verzorg ik regelmatig het gazon, maar in de winter kan ik daar niet veel. Ik hou ervan mijn gezellige stamkroeg ’t Bommelke te bezoeken, of heerlijk te buurten met dorpsgenoten, maar helaas is dat nu ook niet mogelijk, dus je begrijpt dat het rondbrengen een mooie afwisseling is. Ik heb er samen met mijn vrouw ongeveer anderhalve dag in de week voor nodig, en dan ga ik door Maasbommel, Altforst en de Blauwe Sluis. Als ik onderweg ben, wil ik het liefst vlot doorwerken, daarom maak ik gewoonlijk niet vaak een praatje met de mensen op straat. Een keer of tien vijf minuten kletsen scheelt toch al gauw bijna een uur, snap je? Trouwens, in deze rare tijden zie je toch bijna geen “kiep” meer op straat. Naast het werk voor de kranten heb ik nog een poos op de vrachtwagen gereden, vooral voor Albert Heijn in Geldermalsen.’

Brandweer

Gedurende vijfendertig jaar was Antoon lid van de vrijwillige brandweer, maar zestien jaar geleden is hij daarmee gestopt. ‘Och ja, ik kom er nog wel eens hoor. Even bijpraten, je weet wel.’

Kinderen

De drie kinderen Monique, Jolanda en Ronald zijn de deur uit, al lang. ‘Ja, wat denk je, de jongste is al veertig. Ze verlieten het huis toen ze vooraan in de twintig waren, anders hadden ze mee gemoeten om kranten rond te brengen’, lacht hij. ‘Soms zie ik hen wekenlang niet, want ze wonen niet alle drie in de buurt, maar we bellen natuurlijk wel regelmatig. Ook met kleinkinderen Evi, Ella, Isabella en Liam.

Reizen

In het verleden bezochten Antoon en zijn vrouw tijdens vakanties verschillende landen. Samen noemen ze op: Portugal, Gran Canaria, Oostenrijk, de Ardennen, Egypte. In dat laatste land viel vooral het grote verschil in cultuur op. ‘Egypte was voor ons een hele ervaring, maar toch niet echt voor herhaling vatbaar. Maar we hebben nu toch geen zin meer in vliegen, dus we blijven voortaan lekker thuis. De zomers zijn tegenwoordig zo slecht nog niet, dus wat wil je nog meer…’

Maasbommel

Antoon is helemaal vergroeid met Maasbommel, zegt hij. ‘Ik voel me hier echt thuis. Vroeger werd er hier aan de Maaskant door sommige mensen nog weleens gezegd: al het geld van de gemeente gaat naar de Waalkant, maar ik vind dat dat nu niet meer opgaat. Er is een hoop verbeterd, hoewel ik vind dat er hier en daar nog wel iets aan kan worden geschaafd.
Gelukkig is er in Maasbommel nog wel een winkel. Wel vraag ik mij af hoe het nu verder moet met het gloednieuwe dorpshuis. Het lijkt me dat het nog niet zo eenvoudig zal zijn een goede nieuwe beheerder of exploitant te vinden voor het Hanzehuys. Het zijn iedere keer weer die centen, hè? Misschien kan er een oplossing gevonden worden door veel, of misschien wel alles, door vrijwilligers te laten doen’, besluit hij.

Door Ton van Hulst

Meer berichten