
1926: Terugblik en voorbereiding
Column VeelstromenlandIn de winter van 1925-1926 werd het Land van Maas en Waal getroffen door bar weer. Een voortdurende regenval vanaf 19 december, in combinatie met smeltwater van eerder gevallen sneeuw, veroorzaakte uitzonderlijk hoge waterstanden in de rivieren. Op 1 januari 1926 brak de Maasdijk bij Overasselt en Nederasselt door, waarna de Maas zich donderend in het Land van Maas en Waal stortte.
Ons gebied, tussen Nijmegen en Alphen-Dreumel, kent een hoogteverloop van zo’n 6 meter. Bij een dijkdoorbraak vult de omdijkte regio zich als een badkuip, met als laagste punt, ‘de zak van Maas en Waal’. In slechts zes dagen komt het gebied volledig onder water te staan.
Met een berekende overstromingskans van 1 op 290 per jaar voor de Maas en Waals dijkring 41, lijkt het risico momenteel laag; tot het jaar 2216. Echter, het belang van dijkenbeheer en -onderhoud is cruciaal om rampen, zoals de 30 dijkdoorbraken die plaatsvonden tussen 1757 en 1926, te voorkomen.
Recente rapporten waarschuwen voor mogelijke economische schade tot 7,2 miljard euro en 60 tot 800 slachtoffers bij een eventuele dijkdoorbraak van de Waal, gevolgd door een overstroming. Bewustwording onder de inwoners van het Land van Maas en Waal is daarom essentieel, waarbij waterveiligheid een integraal onderdeel van het dagelijks leven moet zijn.
De “Werkgroep 1926” van de Historische Vereniging Tweestromenland heeft een plan opgesteld voor herdenkingsactiviteiten gedurende heel 2026. Het doel is sociale samenhang te bevorderen en het bewustzijn van waterveiligheid te vergroten. De werkgroep zoekt nog naar versterking en nodigt geïnteresseerden uit om zich aan te melden via werkgroep@watersnood26.nl
Voor Maas en Walers die willen weten hoe hoog het water in hun huis kan komen bij een overstroming, biedt de website https://overstroomik.nl de mogelijkheid om met behulp van hun postcode de stand in te schatten, voorbereidingen te treffen en waardevolle bezittingen tijdig hoger of elders veilig te bewaren.



